Van mausoleum tot columbarium

Door: Norman Langelaan

Al acht jaar lang stond het mausoleum op de begraafplaats Oud Kralingen in Rotterdam leeg. De erfgenamen van de stichter;  Pieter Kruijff Bartholomeus Zn. konden of wilden de restauratie van de familie-grafkapel  niet betalen. Dus namen zij het besluit om de twaalf lijkkisten van hun familie te herbegraven in de oude grafkelder in de resten van de kerk van Oud Kralingen uit 1550.

Foto door: Restauratiefonds

Restauratie-architect Norman Langelaan zag tijdens een begrafenis een gebouwtje gehuld in steigers met groene winddoeken. ‘Dat wekte mijn interesse’, vertelt Langelaan. ‘Toen ik poolshoogte ging nemen, zag ik een wonderschoon bouwwerk, namelijk een mausoleum in neoromaanse stijl, geheel met hardsteen bekleed, versierd met veel funeraire symboliek.’

Enthousiast
‘Ik heb meteen contact opgenomen met het bestuur van de begraafplaats, de hervormde gemeente Kralingen, de Hoflaankerk’, vervolgt Langelaan. ‘Er waren gedurende die 8 jaar al verschillende partijen bezig geweest met plannen voor een opknapbeurt, maar die liepen op niets uit. Tijdens de subsidieaanvraag wist ik de provincie Zuid-Holland enthousiast te maken, om een goed restauratieplan te ontwikkelen. De grafkapel zou zich uitstekend lenen om er een columbarium van te maken.’

Columbarium Oud Kralingen Rotterdam Columbarium Oud Kralingen Rotterdam

Alle schades
Om de restauratie inzichtelijk te maken moest er een omschrijving van alle schades gemaakt worden en de werkzaamheden per onderdeel met prijzen. ‘Het ging om ongeveer 750 onderdelen, alles fotograferen, nummeren en beschrijven. Gelukkig stonden de oude steigers er nog omheen, dus dat was makkelijker inventariseren’, meldt Langelaan. ‘Om kosten te besparen heb ik geen hoofdaannemer ingehuurd maar gewerkt met zzp’ers en onderaannemers. Leges waren we niet verschuldigd omdat het hier een rijksmonument betreft.’

Het mausoleum vertoonde veel schade door gebrek aan onderhoud, boomwortels en roestige ijzeren doken. Er moest veel gebeuren. Langelaan huurde BamBam Steenhouwers uit Leiden in om de restauratie van de natuursteenplaten op zich te nemen. Over het mausoleum werd een groot dak geplaatst, zodat ze de hele bouwperiode droog konden doorwerken. ‘Omdat het werk op een begraafplaats tegenover de aula plaatsvond, hadden we te maken met stilte tijdens begrafenissen. Dat waren er gemiddeld vier per week. Daar moesten we dus rekening mee houden. In de zomer begonnen ze om vijf uur ‘s morgens en eindigde om één uur zodat de begrafenissen ’s middags ongehinderd plaats konden vinden’, blikt Langelaan terug.

Poortje

Platen
De platen van Belgisch hardsteen zijn doorgaans matig van kwaliteit, erg breukgevoelig, met onvolkomenheden als brandlagen en steken. Daarom werd besloten gebroken platen te lijmen met epoxy. Er wordt ook vaak polyester gebruikt maar dat is UV gevoelig en dus niet duurzaam. ‘De platen waren gefrijnd en vervolgens de afgelopen honderd jaar verweerd, als je daar nieuwe platen tussen gaat hangen, wordt het een lappendeken’, vervolgt Langelaan. ‘Samen met de steenhouwer hebben we een geheel nieuwe methode ontwikkeld om de platen weer aan de gevel te hangen. Met rvs draadeinden met moeren erop. In de oude gaten van de doken stopten we krimpvrije mortel zodat de plaat er later tegen aan gelijmd kon worden met epoxy. Lachend: ‘omdat het om wel tweeduizend gaten ging, sneuvelden de boormachines. We zijn ze later maar gaan huren.’

Pleisterwerk
Toen het natuursteenwerk klaar was kon Delstuc Stucadoors uit Monster aan de gang met het dak. De betonkoepel van circa 10 cm dik (uniek voor die tijd) was aan de buitenzijde gepleisterd en was in een slechte staat. Zij kwamen met een Franse kalkmortel die al in de fabriek gepigmenteerd kon worden, zodat de oorspronkelijke gele kleur weer terug kwam. Het originele blokmotief en het gegroefde, gekamde pleisterwerk moest de indruk wekken dat het hier grote zandstenen blokken betrof.  Het oude binnen-pleisterwerk werd afgehakt en voordat nieuwe kalkpleister werd aangebracht werd de muur eerst tegen zouten behandeld en vervolgens de versieringen weer aangebracht. ‘Alle bronzen versieringen zijn er bij de start  van de restauratie uit voorzorg afgehaald en opgeborgen. Een palmtak ontbrak, die is nagemaakt door een bronsgieter. Van de bestaande tak maakte hij een siliconenmal en heeft vervolgens met een etsmiddel  de kleur aangepast,’ legt Langelaan uit.

Hekje

Glas in lood
Ook werden de glas-in-loodramen gerestaureerd. De ijzeren roestige windroeden werden vervangen door bronzen exemplaren, die gezwart werden met zuur. ‘Het lood was niet heel slecht, maar we besloten ze toch te vervangen, dan weet je zeker dat het weer jaren mee gaat. Regel van de glazenier; elke generatie moet één keer verloden.’

Tegels
Langelaan vervolgt: ‘De ongeglazuurde tegelvloer in de kelder was bijna nog helemaal in goede staat. Een paar tegeltjes moesten vervangen worden, waaronder de randtegels met een zwart motief. De gewone tegels werden gevonden op de sloop, te groot en vervolgens op maat gezaagd. De tegels met motief waren in Nederland en België op geen enkele sloop te vinden, toen hebben we deze ingekleurd met de zwarte Edding 3000 viltstift. Niet te onderscheiden van de originele.’

Urnenkastjes
Er werd besloten het columbarium in de kelder te maken met eigentijds materiaal, gematteerde half transparante zeegroene acrylaatplaat uit Noord-Italië. Pyrasied uit Leeuwarden produceerde de urnenkastjes. Er werden modules vervaardigd die door het trapgat makkelijk naar beneden konden. Langelaan: ‘De 100 urnenkastjes hangen aan de muur, 30 centimeter boven de vloer, op metalen beugels, die thermisch verzinkt zijn om corrosie tegen de vochtige keldermuur te voorkomen. Achtduizend ledlampjes die van achter de opalen achterwand van de kastjes schijnen, lichten de hele ruimte prachtig op.’

Columbarium Oud Kralingen Rotterdam Columbarium Oud Kralingen Rotterdam

Luiken
De twee marmerenluiken van 100 kilogram per stuk, die de kelder afsluiten zijn weer gangbaar gemaakt. De smid heeft de roestige gietijzeren wielen vervangen door op maat gemaakte messing wielen. De roestige vergane rails zijn vervangen door messing schuifdeurrails. De barsten in de wit marmeren kapitelen en consoles werden met witte epoxy opgevuld. ‘Uiteindelijk bleek dat geen succes’, bekent Langelaan, ‘omdat ze vergelen. Sommige zijn met witte tegelvoegsel gedaan, dat komt meer overeen met het marmer.’

Deuren
De teakhouten toegangsdeuren zijn geheel uit elkaar geweest en opnieuw verlijmd, de oppervlakte is één millimeter afgeschuurd, alle verdiepte delen zijn door een beeldhouwer voorzichtig schoon gefreesd. Daarna mahoniekleurig gebeitst en vervolgens gelakt. De nieuwe messing scharnieren zijn uit twee soorten samengesteld, knopscharnieren en losse verdikte lagertjes, zodat ze weer eind negentiende-eeuws lijken.

Controles
‘Ik ben er zelf in totaal drie jaar met veel plezier mee bezig geweest’, memoreert Langelaan. ‘De steenhouwers hebben er door weer en wind anderhalf jaar aan gewerkt, meestal met twee á drie man tegelijk. Ik heb de samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed als heel prettig ervaren. Zij voerden de controles uit tijdens de restauratie. Uiteindelijk is de bouwsom een ton lager uitgevallen, onder andere door weinig meerwerk. Dat was dus heel fijn! ‘

Tips

  • Wat heel belangrijk is, is een goede beschrijving van de werkzaamheden, materiaal, tijd van uitvoering en prijs en alles altijd schriftelijk vastleggen.
  • Zonder hoofd aannemer werken, vereist ervaring en vakmanschap! En is niet zonder risico.

Reacties

Er zijn nog geen reacties